Het museum waar niemand kwam

Iemand besloot alle kostbaarheden die hij had verzameld, bijeen te brengen in een museum. Daar was hij een hele tijd mee bezig want hij had veel. Hier mocht een van de mooiste schilderijen hangen die hij ooit gezien had en daar stond een prachtig beeldje, zo fijnzinnig gemaakt – je kon er uren naar kijken. Verderop hing een prachtige, met zorg geweven doek, een kleurrijke voorstelling van de natuur, en in dezelfde ruimte een ets – een paar lijnen maar er ging een wereld achter schuil.

Zo hing deze man zijn museum vol met de mooiste kostbaarheden. Toen liet hij weten dat de deuren open zouden gaan. De mensen mochten komen. Gratis en voor niets, om te bekijken wat hij had. Hij stond te wachten om de eerste gasten in zijn museum te ontvangen, maar er kwam niemand. En hoe lang hij ook wachtte, niemand verscheen. De volgende dag ook niet. Er ging een week voorbij. Niemand. Prachtige ruime zalen met allerlei veelzeggende schoonheid. Niemand kwam kijken. Wat de redenen van de mensen waren die niet kwamen? Niemand die het wist. Misschien hadden ze het te druk. Met het opvoeden van kinderen, met werken, met beslommeringen, met kijken naar voetbal… Niemand die het wist.

Dit kleine verhaal vertel ik omdat Pinksteren de ontsluiting van het museum van de Eeuwige is. God opent zijn deuren, wil al zijn schatten aan ons laten zien en hoopt dat mensen komen en kijken. Sterker nog, er diep door getroffen worden. Dat het hun zoveel doet dat ze er anders vandaan gaan dan ze erin komen. En dat ze zelf ook gaan schilderen, tekenen, boetseren, beeldhouwen of wat dan ook. Dat mensen in ieder geval aangestoken worden door de rijkdom en schoonheid van wat God in huis heeft en in verzet komen, als ze zien dat hun leven en het leven van mensen en dieren anders kan, beter kan.

Dat is Pinksteren en het is niet zo gegaan als in dit verhaal.

 

Aart Mak is pastor bij Kerk zonder grenzen, het omroeppastoraat van Radio Bloemendaal, en redactielid van Open Deur.

 

Foto: Flipboard op Unsplash