Woensdagavond. In de gespreksgroep bespraken we het nummer van Open Deur over mystiek.
Mooi nummer, zeiden sommigen. Moeilijk nummer, zei er één.
Die laatste bleek, bij doorvragen, vooral aan te lopen tegen het niet-weten. Zo gewend was zij – en wij allen, we gaven het haar ruiterlijk toe – om wel te willen weten. Ook als het gaat om bijbel en geloof. Weten. Het onbekende eigen maken. Problemen oplossen. Niet verlegen zitten om woorden.

Dus niet.

Het gesprek vorderde. En waaierde uit. Er kwamen persoonlijke verhalen. Herinneringen aan moeilijke momenten waarin iemand toch een licht opging. Grenservaringen, voorzichtig uitgesproken. Dat waar geen woorden voor zijn.

Mystiek. Besef van het onbekende. Weten, toch weten, dat je niet weet. Niet kan weten. Niet moet willen weten.

Een citaat, ten slotte:
‘Maar nu zul je mij vragen: hoe moet ik over God zelf denken, en over wat hij is? En dan kan ik je enkel maar antwoorden: ik weet het niet. Want met deze vraag heb je mij in dezelfde duisternis gebracht, dezelfde wolk van niet-weten waarin ik jou hebben wil. Want wij kunnen door Gods genade alles weten over alle mogelijke andere zaken. En wij kunnen daarover ook nadenken, zelfs over Gods eigen werken. Maar over God zelf kan niemand denken.’  (uit: De wolk van niet weten)

 

Aart Mak is pastor bij Radio Bloemendaal, het omroeppastoraat van Kerk zonder Grenzen, en redactielid van Open Deur.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *