Ik heb dorst

Als een hertje, zo dorstig. Uitgeput, uitgedroogd. Maar één wens: drinken. Water. Een paar druppels zouden al helpen. Ergens in een oude psalm (42) wordt de mens vergeleken met zo’n hert. ‘Als een hinde die smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar u, God.’

De ziel is alles wat wij niet zien maar wie wij wel zijn. Waar ons verlangen en heimwee wonen, boze herinneringen en grote dromen, reiservaringen, vergezichten, stromende rivieren. Wij zouden met hart en ziel smachten de bron van ons leven te ontmoeten. Zo zegt psalm 42.

Voor de man, gemarteld, trekkend van de pijn in een brandende zon aan een paal hangend, moet het gegaan zijn als met dat hertje, zo dorstig. Uitgeput, uitgedroogd. Maar één wens: drinken. Water. Een paar druppels zouden al helpen.

Maar niet meer dan dat. Geen dubbele bodem. Geen ziel. Geen dorst hebben maar eigenlijk verlangen naar God. Dit is een put waarin geen licht valt. Deze marteling sloopt alle mystieke gedachten en diepzinnige poëzie. Als lezer en als denkbeeldige toeschouwer moet ik naar een andere psalm, 69. Die van de smaad en teloorgang, die van het gif door het eten en de azijn door het drinkwater. Dit is het en niet meer.

Aart Mak is pastor bij het omroeppastoraat van Radio Bloemendaal/Stichting Kerk zonder Grenzen en redactielid van Open Deur.

In de dagen voor Pasen sluiten de blogs van Open Deur aan bij het thema van het paasnummer: de 7 kruiswoorden (zeven zinnen die zijn overgeleverd als de laatste woorden van Jezus aan het kruis). Voor meer informatie, zie: http://www.open-deur.nl/pasen2015.