Woede moet ergens heen

Auteur Marnix van der Sijs | Verschijningsdatum 1 april 2010 | Thema: Woede

‘Als er iets echt verkeerd zit, moet je je eerst kwaad maken voor er iets kan veranderen.’ Jan Bodisco Massink is predikant en psychoanalyticus, werkzaam bij de afdeling psychotherapie van een organisatie in de geestelijke gezondheidszorg. In 2009 ging hij met pensioen. Hij zag in zijn praktijk veel mensen met angst voor hun agressie. ‘Maar weet hebben van de destructieve kracht in je en daar beheer over hebben, maakt je tot een persoonlijkheid.’

 

 

“Ik wens te zijn als Jezus, zo need’rig en zo goed. Zijn woorden waren vriend’lijk, zijn stem was altijd zoet”, zo begint een lied van Johannes de Heer. Ik veronderstel dat Bodisco Massink dit een fout lied vindt. Maar het ligt genuanceerder.

Bodisco Massink: ‘Dat soort liederen probeert te voorkomen dat we terugvallen in barbarij. Maar ze zijn vooral gericht op het indammen van angst voor onze eigen agressie en destructiviteit. En erger nog: ze geven een half beeld van Jezus. Want Jezus wil het leven en niet de dood. Hij ontsteekt in woede wanneer hij hoort dat zijn vriend Lazarus is overleden. Hij is “verbolgen”. In die verbolgenheid roept hij: “Lazarus, kom naar buiten!” Alleen met agressie kan wat doodgelopen is, weer in beweging worden gebracht.

“Zwijg en ga uit hem weg!” – dat was geen vriendelijk verzoek aan de onreine geest die bezit genomen had van die man in Kafarnaum, het was een commando en daarvoor was kracht nodig.

Een kind op school dat voortdurend gepest wordt heeft kracht nodig om die pesterijen te beëindigen: “En nu is het afgelopen!” Mensen zijn bang dat de ontlading van hun emoties met destructiviteit gepaard gaat: “Als ik me kwaad maak, gebeurt er iets vreselijks.” Dat destructieve hebben wij allemaal in ons. Het is de kunst dat te herkennen en de kracht die agressie geeft, constructief in te zetten in plaats van in angst passief te worden.

 

“Naar je kamer! Wanneer je weer gewoon kan doen, mag je weer binnenkomen.” Het kind dat dit een paar keer overkomt, heeft geleerd dat boosheid ongewenst is en dat dan de bindingen worden verbroken. En niets is erger dan alleen zijn, zeker als gevolg van eigen boosheid. Wij zijn relationele wezens, zoals antilopen kuddedieren zijn. Buiten de kudde loert het gevaar. Ook voor mensen is afwijzing heel bedreigend. Dan vermijden we liever het conflict, dat immers tot afwijzing kan leiden.

Boosheid is een kracht die gericht is op iets of iemand. Wanneer dat niet mag, gaat die kracht naar binnen. Want woede is een emotie, een psychische energie en die moet ergens naar toe. Als woede naar binnen slaat, kun je bijvoorbeeld maagpijn krijgen of je wordt depressief. Schuldgevoel verergert het nog.

Bij schuldgevoel kan wel onderzocht worden of er echt schuld is of dat het gaat om gevoelens van onmacht.”

 

God is liefde. God kan toch niet boos zijn?

Bodisco Massink: ‘Is dat zo? Ik lees in de bijbel veel over Gods toorn. God wordt razend wanneer de liefdesband die Hij met mensen heeft, wordt bedreigd of verbroken. Maar veel mensen weten zich geen raad met de toorn van God, omdat ze zich geen raad weten met de angst voor hun eigen agressie.

Gods toorn richt zich tegen de dood, tegen wreedheid, onrecht, hebzucht, leugen en bedrog. God keert zich tegen alles wat het leven in de weg staat. Wij op onze beurt mogen ook vertoornd raken op alles wat het leven belemmert.

 

Als onze boosheid naar binnen slaat, kan er nog een omkering plaatsvinden die minstens zo gevaarlijk is. Het object van onze boosheid verandert. In plaats van het oorspronkelijke, maar afgeweerde: Ik ben boos op jou, ontstaat de gedachte: Jij bent vast boos op mij.

Dat lot treft God niet zelden. Want er overkomt ons van alles. De dood is onvermijdelijk, zowel die van onszelf als van anderen. Ziekte, ongeluk en onrecht, het doet zich allemaal voor. Dan ontstaan vaak agressieve gevoelens: Waarom gebeurt dit mij? Waar heb ik dit aan verdiend? Wanneer er een aanwijsbaar schuldige is, dan wordt de agressie daarop gericht. Maar als het noodlot toeslaat, is er geen adres en blijft men met de woede zitten. Vaak zegt iemand die in God gelooft dan niet: “Ik ben boos op U”, maar denkt: God is vast boos op mij.’

 

Mag ik boos zijn op God?

Bodisco Massink: ‘De bijbelse figuur Job was gewoon boos op God, die stelde zich die vraag niet. Wij kennen God niet. Wij weten niet wat Hij met ons voor heeft.

Passieve agressiviteit helpt ons niet. Neem de profeet Jeremia. Hij zegt tegen God: “Heer, u staat altijd in uw recht als ik het tegen u opneem. Toch vraag ik u, hoe verantwoordt u dat boosdoeners in voorspoed leven, en trouwelozen rust genieten?” Jeremia vertoont geen slachtoffergedrag, integendeel; Jeremia neemt het tegen God op.

Constructieve agressie is heilzaam. Het is de kracht die je nodig hebt om ergens doorheen te komen.’

 

Marnix van der Sijs
Predikant van de Gereformeerde Kerk (PKN) te Gouda

 

Het citaat uit Jeremia staat in hoofdstuk 12 vers 1.