Fris, heilzaam, bitter

Auteur Beate Rose | Verschijningsdatum 1 januari 2015 | Thema: Kou

De meeste mensen en dieren zoeken van nature de behaaglijke warmte op. Die kost het minste energie om het lichaam op temperatuur te houden. Maar een portie kou op zijn tijd kan gezond zijn. Wat doet kou met de natuur, met ons lichaam en wat doet het met onze ziel?

Mijn magere katertje is dol op de douche. Na de warme waterstraal komt zijn moment. Aandachtig kijkt hij toe hoe ik de betonvloer droogmaak, om er dan meteen op te gaan liggen. De vloer is dan lekker warm en droog: perfect voor een dutje. Instinctief zoeken mensen en andere dieren zo de warmte op. Niemand heeft het graag koud. Onze lichamen zijn zo gemaakt dat ze zichzelf ook bij wisselende omstandigheden op een constante temperatuur houden. Dat is gemakkelijker in het zonnetje dan in een gure herfststorm. In warmte kan ons lijf ontspannen, in de kou moet het werken om op temperatuur te blijven. Toch, aldus een fervente kou-hater: ‘Zo’n zachte winter, dat klopt niet. Het voelt niet schoon en fris, je moet na de winter het gevoel hebben dat je met een schone lei begint.’ Warmte doet goed, maar kou op zijn tijd is nodig.

Heilzame kou

Meer nog, kou doet goed. Bomen groeien langzamer als het koud is, het hout wordt anders van kwaliteit. Beter, volgens sommigen. De beroemde vioolbouwer Stradivarius gebruikte alleen hout uit koude periodes voor zijn instrumenten. Sommige planten kiemen beter of zelfs uitsluitend als de vorst eroverheen gegaan is. Een mooi voorbeeld is de rode zonnehoed. ’s Zomers gedijt ze in de warmte en bloeit schitterend naar de zon. Het zaad kiemt echter het beste wanneer het een koude periode heeft beleefd. In de natuurgeneeskunde kent men deze plant een weerstandverhogende werking toe. Zou dat toeval zijn? Wim Hof oefent zich in het verdragen van extreme kou. Zo stond hij in 2007 70 minuten en 35 seconden lang tot zijn kin in een bak met ijsblokjes en vestigde daarmee een wereldrecord. Ook loopt hij in extreme kou marathons en zwemt lange afstanden in ijskoude wateren, soms onder ijslagen door. Onderzoek liet zien dat deze ontberingen de weerstand van zijn lichaam tegen ziektes een enorme oppepper geven. Dat kou op die manier gezond is, is overigens niet nieuw. Altijd al werd koud afdouchen gepropageerd als zeer gezond. Wisselbaden werden aanbevolen als remedie tegen wintertenen en stevig bewegen in de frisse buitenlucht aangeraden aan kouwelijke types. Wat kun je ’s winters opknappen van een wandeling in de knisperende vrieskou! Je moet even een drempel over, maar wie kent niet die ervaring dat je veel meer hebben kon dan je dacht? Kou roept krachten en vermogens wakker. Je gaat grenzen over en groeit daarvan.

Hongerwinter

Dat alles gaat echter alleen maar op wanneer je gezond bent en de luxe hebt van een warme plek om te rusten. Met een zwak hart is een wisselbad niet aan te raden. En langdurige kou kan dodelijk zijn. Indringend horen we daarover in de verhalen van mensen over de hongerwinter en de concentratiekampen. Hoe zwaar de honger was, hoe bitter de kou en hoe onmogelijk de combinatie. Het lijf kan zich niet eindeloos op temperatuur houden, zeker niet als de brandstof ontbreekt. Op den duur raak je uitgeput, het lichaam geeft het op. Kou waar je niet aan ontkomen kunt is een marteling op zich. Niet voor niets dacht men in de middeleeuwen dat de hel niet een vuur was, maar een zeer koude plaats. In Dante’s Goddelijke komedie is het hart van de hel een groot brok ijs waarin Lucifer voor eeuwig gevangen zit.

Spel van stolling en stroom

De Bijbel is ontstaan in streken waar het niet snel koud is. Hoog in de bergen kwamen sneeuw en ijs wel voor. De schone lei waar wij aan denken bij een strenge, koude winter zien we in de Bijbel terug. Sneeuw is er het beeld voor een schone ziel, rein van zonden. Over het algemeen is kou in de Bijbel iets neutraals. Niet goed, niet slecht, het hoort erbij. Het komt van God, zoals alles wat er is. Mooi bezingt psalm 147 dat. Het is een lofpsalm op Gods grootheid. Hij tilt mensen op, geneest en verzorgt wie gebroken zijn. Alles komt van Hem: gras en graan, vrede en veilige grenzen, en ook rijp, sneeuw en hagel. Maar: ‘Hij zendt zijn woord en alles smelt, hij stuurt zijn adem, de wateren stromen.’ Heel de schepping, heel ons leven in alle invloeden en uitersten, is een vreugdevol spel tussen God en mens. In dat spel van kou en hitte, van stolling en stroom staan wij mensen. In wat op ons afkomt worden we uitgedaagd te reageren, weerstand te bieden of mee te bewegen. Dat we dat kunnen, evenwicht vinden in wat op ons afkomt, dat is heelheid naar lichaam en ziel.

Beate Rose is geestelijk verzorger in de Jeroen Boschziekenhuis te ’s-Hertogenbosch en redactielid van Open Deur.