Mijn vader bad elke dag het ‘Onze Vader’ hardop. Als kind begreep ik daar niet veel van. ‘Uw koninkrijk kome’, ‘uw wil geschiede’ – en dan ook nog eens in de hemel alsook op aarde – ‘leid ons niet in verzoeking’ … Eén ding begreep ik wel: ‘Geef ons heden ons dagelijks brood’. Ik kreeg immers elke dag boterhammen te eten en zonder dat zou ik honger hebben en ook nog eens hagelslag en pindakaas moeten missen.

Maar eigenlijk begreep ik dat gebed toch ook weer niet. Brood was toch vanzelfsprekend? Dat dacht ik als kind, en eigenlijk als volwassene nog. Erbij stilstaand besef ik dat het helemaal niet zo vanzelfsprekend is. Het is even onvanzelfsprekend als het onvanzelfsprekend is dat ik geboren ben in een land ‘overvloeiende van melk en honing’. Nederland dus. Dat ik, voor wie het normaal is dat er iedere dag voedsel is, toch nog bid ‘Geef ons heden ons dagelijks brood’, heeft daarom toch zin. Ik besef weer hoe onvanzelfsprekend het vanzelfsprekende is.

Stephan de Jong

 

One thought on “‘Geef ons heden ons dagelijks brood’”

  1. Het gaat in dit gebed niet om het dagelijks brood, maar om het brood des levens.
    Dat pas werkelijk gegeten kan worden wanneer het koninkrijk Gods gevestigd is op aarde.
    Tot dat moment grijpt het gebed vooruit: geef ons heden het brood van die dag (zoals er werkelijk in de grondtekst staat)
    Met ons dagelijks eetbaar voedsel heeft het niets van doen, dat hebben de ‘vertalers’ er in hun interpretatie vroeger van gemaakt. Zodat het simpele volk gemakkelijker onderdrukt kon worden!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *